Gevaren foute waardering

  • Fiscale sancties:

Een verkeerde waardering kan al snel fiscaal pijnlijke gevolgen hebben; niet alleen kan in het klassieke geval van de aankoop van het vruchtgebruik door de vennootschap en  de blote eigendom door de bedrijfsleider, elk mistasten een belasting van 50,00% (+ boetes) op het bedrag van de overschatting van de waarde van het vruchtgebruik met zich mee brengen voor de bedrijfsleider; daarbovenop bestaat evenzeer de mogelijkheid voor de fiscus om de vennootschap op datzelfde bedrag te belasten aan 309,00% (!), al moet gezegd worden dat dit in de toekomst meer uitzondering dan regel zal zijn na het afzwakken van de wetgeving op dat punt;

Velen wanen zich onkwetsbaar door de toepassing van de methode Ruysseveldt, zonder zich rekenschap te geven van de realiteit van de uitkomst (zelfs als die gevoelsmatig vrij krankzinnig lijkt); de vraag rijst in welke mate deze vlieger nog lang zal opgaan; niet alleen tonen de volgende punten aan dat er veel andere problemen kunnen rijzen dan een belastingaanslag alleen; bovendien heeft de BBI (bijzondere belastinginspectie) naar verluidt een project opgestart om de waardering van vruchtgebruik te herbekijken, allicht naar aanleiding van hetzelfde buikgevoel dat aan de methode Ruysseveldt iets schort; ook de rulingcommissie zou trouwens de waarderingsmethodiek aan het bijschaven zijn; tenslotte zou de fiscus in een aantal recente gevallen ook de methode Ruysseveldt op de korrel nemen!; 

  • Gevangenisstraf e.a.:

Er is veel meer in het leven dan fiscaliteit alleen en de zienswijze van de fiscus is van geen belang in niet-fiscale domeinen; opnieuw kan verwezen worden naar het klassieke voorbeeld van de vennootschap als vruchtgebruiker en de bestuurder-vennoot als blote eigenaar, waarbij de vruchtgebruiker zich volgens de methode Ruysseveldt blauw betaald heeft in functie van wat gekocht is en de blote eigenaar er van af komt met het spreekwoordelijke prikje;  

van uitermate groot belang is het iedereen attent te maken op artikel 492bis van het strafwetboek (“misbruik van vennootschapsgoederen”); elke bestuurder van een vennootschap kan veroordeeld worden tot een gevangenisstraf (1 maand tot vijf jaar), een geldboete van € 500,00 tot € 2.500.000,00 en een ontzetting uit de burgerrechten indien de waardering op betekenisvolle wijze in het nadeel is van de vennootschap en in het voordeel van de bestuurder; de methode Ruysseveldt levert vaak vertekende resultaten op die er toe leiden dat de blote eigenaar te weinig betaalt voor de blote eigendom ten koste van de vennootschap (die het vruchtgebruik te duur aankoopt); indirect wordt de vennootschap daardoor “leeggeroofd” door de aandeelhouder/bestuurder, wat deze strafbepaling net probeert te beteugelen;  

vraag is uiteraard wat “betekenisvol” is maar foutieve afwijkingen van 10,00% of meer zijn helaas geen uitzondering, waardoor het risico bijzonder reëel is; 

op vandaag wordt hier te weinig aandacht aan besteed maar het volstaat om een wakkere burger (vb. curator) aan te treffen die zijn gram wenst te halen om met deze pijnlijke sancties geconfronteerd te worden; bovendien maakt één zwaluw in dergelijke gevallen meestal wel de lente, omdat goede (= doeltreffende) ideeën nu eenmaal vaak navolging krijgen; 

op te merken is ook dat alle adviseurs best uit hun doppen kijken, want elke persoon die meewerkt aan een dergelijke overtreding kan bestempeld worden als medeplichtige en dezelfde straf ondergaan; 

  • Afkeuring van de jaarrekening:

een vennootschap heeft af en toe een revisor nodig; grote vennootschappen hebben deze periodiek nodig om een goedkeurende verklaring te krijgen over de jaarrekening; zo goed als alle vennootschappen hebben deze nodig ingeval van bijvoorbeeld een kapitaalverhoging in natura

Naarmate men kritischer zal gaan omgaan met deze waarderingen, zal men ook kritischer omgaan met de revisorale opdrachten die hierop betrekking hebben; zo kan het dus in de (nabije) toekomst voorvallen dat een revisor een vruchtgebruik overgewaardeerd vindt en dus een voorbehoud formuleert in zijn verslag, wat meteen de nodige commerciële (imago)schade met zich mee brengt voor de vennootschap; uiteraard kan men dit proactief afweren door alsnog zelf een waardevermindering te boeken, zij het dat men zich dan in een bijzonder lastig fiscaal parket brengt; 

  • Dubbele prijs betalen:

een huis is maar zo stevig als zijn fundament dat toelaat; indien het al fout loopt bij het fundament (= de waardering), dan hoeft het niet te verwonderen dat dit bij alle latere vervolghandelingen te parten kan spelen; twee bescheiden voorbeelden tonen aan wat wordt bedoeld: 

  • echtscheiding: twee partners (X & Y) zijn gehuwd en een van hen (X) runt een vennootschap waarvan alle aandelen hem toebehoren; in de goede jaren van het huwelijk kopen zij een gezinswoning aan, waarbij het vruchtgebruik wordt gekocht door de vennootschap en de blote eigendom door de gezamenlijke echtgenoten; een marktconforme waardering zou uitwijzen dat de verhouding vruchtgebruik/blote eigendom 70/30 bedraagt, terwijl de methode (Ruysseveldt) die wordt toegepast een verhouding 90/10 oplevert; de blote eigenaars realiseren als het ware een meerwaarde vanaf dag één (ten belope van 20 in totaal of 10 per persoon); na verloop van tijd wenst Y zijn of haar heil elders te zoeken; naar aanleiding van deze echtscheiding wordt opnieuw een waardering gemaakt (ditmaal op basis van marktconforme principes omdat het geen vestzak-broekzak-operatie meer betreft tussen verbonden personen maar een boedelscheiding met getrokken messen) en daarmee komt de waarde van de blote eigendom veel hoger uit dan aanvankelijk voorzien; het gevolg is dat X in dit geval twee keer betaalt; de eerste keer heeft hij/zij met zijn/haar vennootschap te veel betaalt voor het vruchtgebruik en de tweede keer mag de volle pot betaald worden voor de blote eigendom; bezin eer je begint is hier de boodschap;
  • verkoop van aandelen: een soortgelijk geval is de verkoop van aandelen van een vennootschap die houder is van een vruchtgebruik; de koper van de aandelen doet er goed aan het vruchtgebruik correct te waarderen/controleren om na te gaan of niet teveel wordt betaald voor de aandelen; indien het vastgoed ooit in zijn volledigheid zou worden verkocht, zou men wel eens minder kunnen vangen van de verkoopprijs dan men zou hebben verwacht op basis van de oorspronkelijke waardering; omgekeerd maak je het als verkoper ook een stuk complexer om je aandelen verkocht te krijgen, indien de vennootschap het vergiftigd geschenk van een verkeerd gewaardeerd vruchtgebruik met zich mee zeult; 


  • Andere: het bovenstaande was enkel nog maar een bloemlezing van de meest evidente gevolgen/sancties. Uiteraard zijn er nog vele andere denkbaar, zeker gelet op de concrete omstandigheden van elk geval…